1/1
View more
Drawing with graphite pencil,
paper 224 g/m2
White wooden frame, Plexiglass
59 x 39 3/8 in.
76 3/4 x 57 1/16 in. framed
Dessin à la mine de graphite,
papier 224 g/m2
Encadrement bois blanc, Plexiglas
150 x 100 cm
195 x 145 cm encadré
2015

Rosy-fingered Aurora

In ancient Greece, Eos was represented as a goddess with rosy fingers, who accompanied the sun in a chariot with two horses. Homer subsequently named these ‘horses of the sun’ Lampos (shine) and Phaeton (brilliant). They appear as immaculate figures at the centre of the drawing, surrounded by water vapour, which creates a virginal explosion of light, thereby transforming the antique surroundings of the Roman baths into something altogether different. In total contrast with this image of splendour, the fissured sun riddled with interconnected stumps and roots conjures up the image of a pattern of stars, firmly placing the scene under the zodiac sign of the Eagle, the bird that belonged to Zeus. It was also Zeus who granted Tithon, one of the mortal lovers of the goddess Eos, his status of immortality. From an astrological point of view, the constellation of the Eagle is situated in close proximity to the Square of Pegasus, Zeus’ mount and the symbol of poetic inspiration. In this collection, the artist invites us to personally revisit these ancient myths, which also reminds us of a few of his earlier works, including “La constellation de la Vierge” (The Constellation of Virgo) and “Les quatre cavaliers de l’apocalypse de Saint-Jean” (The Four Horsemen of the Apocalypse of Saint John).

Aurora (Eos) werd door de oude Grieken voorgesteld als een godin met roze vingers, die de zon vergezelt op een praalwagen die door twee paarden wordt getrokken: Deze twee ‚zonnepaarden‘ werden door Homerus Lampos (schijnend) en Phaeton (schitterend) gedoopt en doemen als ongerepte verschijningen op de voorgrond van de tekening op, omgeven door een mist die een maagdelijke lichtkrans vormt en zo het antieke decor van de Romeinse thermen een heel ander aanzicht geeft. In scherp contrast met deze pracht staat de gebarsten zon, bezaaid met onderling verbonden stronken en wortels die doen denken aan een patroon van sterren, waardoor de scène onder het sterrenbeeld van de Arend komt te staan, die ook de vogel van Zeus was. Het was trouwens ook Zeus die één van de sterfelijke minnaars van de godin Aurora (Tithon) onsterfelijk maakte. Bovendien ligt het sterrenbeeld Arend aan de hemel dicht bij het vierkant van Pegasus, het paard van Zeus en symbool van de dichterlijke inspiratie. Hier nodigt de kunstenaar ons uit de oude mythen opnieuw persoonlijk te leren kennen en roept hij meteen ook een aantal van zijn vorige werken op, waaronder “La constellation de la Vierge” (Het sterrenbeeld Maagd) en “Les quatre cavaliers de l’apocalypse de Saint-Jean” (De vier ruiters van de Apocalyps van Johannes).

Aurore aux doigts de rose

Les Grecs anciens représentaient l’Aurore (Eos) par une déesse aux doigts de rose accompagnant le soleil sur son char attelé de deux chevaux : Lampos (éclatant) et Phaeton (brillant), Homère avait ainsi nommé les chevaux du soleil. Ils apparaissent immaculés au centre du dessin dans des vapeurs d’eau formant une effusion de lumière virginale qui transfigure un décor antique de thermes romains. Contrastant avec cette splendeur, le sol crevassé est parsemé de souches et de racines qui reliées entre elles évoquent un parcours d’étoiles, plaçant la scène sous le signe de la constellation de l’Aigle, l’oiseau de Zeus. C’est Zeus qui accorde l’immortalité à l’un des amants mortels, Tithon de la déesse Aurore. Constellation de l’Aigle proche dans le ciel du carré de Pégase, monture de Zeus et symbole de l’inspiration poétique. Ici l’artiste propose une relecture personnelle de mythes anciens qui fait écho à des œuvres antérieures : « la constellation de la Vierge » et « les quatre cavaliers de l’apocalypse de Saint-Jean ».